Het dagboek van een Bijbel
Dag 1
Vandaag ben ik opgepakt en bij de andere boeken en kleren op de tafel gelegd.
Ik kan wel een gat in de lucht springen: Ik ga op vakantie!
Dag 2
Iemand heeft me in een koffer gelegd. Het is hier wel erg donker en een beetje benauwd, maar dat zal niet lang duren. We gaan naar de zon!
Dag 3
Ik heb het niet best, want ik ben behoorlijk door elkaar geschud. De meest vreemde geluiden heb ik gehoord. Auto’s, bussen, een trein, stemmen via luidsprekers over tijden van vertrek. En toen hebben ze de koffer waar ik in zit op een band gegooid en daarna ben ik echt de kluts kwijtgeraakt. Nu hoor ik al uren lang een zacht gezoem; ik geloof dat ik vlieg!!
Dag 4
Oei, wat is het hier warm! Heerlijk! Ik lig hier echt te genieten op m’n plankje in de zon. En een mooie kamer! Te gek! Ze noemen zoiets een appartement geloof ik. Alles staat erin: tv, koelkast, bankstel en ga zo maar door. En een balkon op het zuiden, met uitzicht over een prachtige blauwe zee! Het lijkt wel een sprookje zo mooi. Het liefst zou ik nu een van die Psalmen willen zingen die zo ongeveer midden tussen mijn twee kaften staan: “O Heere, onze Heere, hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde!” Nu ja, vanavond als ze terug zijn van het zwemmen, dan zullen ze wel een stukje uit mij lezen, om God te danken voor deze wonderlijke mooie dag …
Dag 5
Vandaag ben ik een beetje verdrietig. Nee, niet vanwege het weer ofzo. Het is nog steeds stralend zomerweer. Maar omdat nog niemand mij van mijn plankje heeft gepakt. Niemand kijkt naar mij om. Ze laten me maar liggen. Ze lachen en doen spelletjes en schrijven hele puzzelboeken vol, maar je moet niet denken dat er nu eens iemand een beetje aandacht voor mij heeft. Jammer nou!!
Dag 6
Vanmorgen dacht ik even: Hoera, vandaag hebben ze me nodig: het is zondag en dan gaan ze vast en zeker naar die kerk beneden in het dorp. Ik hoorde al vroeg de klokken luiden! Maar nee hoor, niets daarvan. Ze bleven allemaal urenlang op hun bed liggen. Toen dacht ik: dan zullen ze vanmiddag wel bij het eten wat uit mij lezen! Maar nee, ook dat gebeurde niet. Het lijkt wel alsof ik hier helemaal niet nodig ben. Wat ik daarvan vind? Ik vind het ondankbaar! Hebben zij misschien de zon en de zee geschapen? Een mens kan toch alleen maar echt leven als hij Gods Woord binnenlaat in het huis van zijn hart??
Dag 7
Ik lig hier nog steeds. Er ligt stof op mijn kaft.
Dag 8
Vanmorgen voelde ik me opeens heel gelukkig. Iemand nam me van m’n plank, blies het stof van me af, bladerde wat in me … ik dacht: “Nu gaan ze me lezen!” Maar ik hoorde alleen een stem die zei: “Hier heb ik het: Amos, een profeet met vier letters en de eerste is een A”
Dag 9
Ik ben weer thuis. Ik lig onder de plakboeken onder de televisie. Verder ligt iedereen op bed. Doodmoe van de reis. Ik kan wel huilen. Maar toch geef ik de moed niet op! NOOIT !! Want er komt een dag, waarop iemand zal ontdekken hoeveel moois er in mij verborgen zit … !!!
En hoe ervaren wij dat? Als wij op reis gaan, gaat God dan mee of hebben we ook vrij van ons geloof. Even geen kerk, geen kerkenwerk, geen Bijbel. De Bijbel die wel meegaat op onze reis, dat wel, maar dat het er niet van komt om er in te lezen. Meestal is dit wel zo, en meestal is het geen opzet. Het gebeurt, je denkt er gewoon niet aan.
Wat voor reizigers zijn wij? Zijn wij nieuwsgierig, zijn we geïnteresseerd in dat wat er gebeurt. Ik kan mij voorstellen dat we allemaal wel nieuwsgierig zijn in het landschap, de geschiedenis, de cultuur van de plek waar we zijn. En daar doe je het ook voor. Dit gaat allemaal over reizen als vakantie hier en nu.
Maar wat als we het over onze levensreis hebben. Dat is heel wat anders. Wat voor mensen zijn we dan? Gaat God met ons mee op deze bijzondere reis. En waar zie je Hem dan. Is Hij de zichtbare God van het volk Israël of is Hij de overweldigende God van Salomo. Of ben je zo als de Ethiopiër, God kennen maar tegelijkertijd ook niet. Geloven dat Hij er is maar nog zoveel vragen hebt. Wat is het soms moeilijk.
Maar weet u wat nu zo mooi is. We zijn in het bezit van een boek vol met reisverhalen, vol met verhalen over ‘de reis van ons leven’. Een boek wat ons verteld over Gods grote liefde voor ons, zijn mensen kinderen. Een boek dat verteld over genade, over vergeving en over ‘er altijd bij horen’ waar je ook bent of wat je ook bent.
In dat prachtige boek kunnen we lezen over Jezus die voor ons de weg heeft vrij gemaakt naar God, zodat onze levensreis niet ophoud als we hier niet verder kunnen.
Het boek verteld ons dat God overal met ons mee gaat. In goede en slechte tijden. Op zich zijn we allemaal reisgenoten van elkaar, we trekken tijdelijk met elkaar op en gaan dan ieder onze eigen weg weer. Net als de Ethiopiër en Filippus, even reizen ze samen, ze hebben elkaar nodig, en dan scheiden hun wegen weer.
Dat geldt niet voor God, Hij reist altijd met ons mee, soms zichtbaar en soms zien we Hem niet. Maar Hij is er wel. Denk dan ook aan het gedicht ‘voetstappen in het zand.’
We mogen reizen we mogen genieten, we mogen rusten. Dat deed God ook, de zevende dag rustte hij uit en keek naar dat wat Hij had geschapen. Dus ga op reis, wat voor reis dan ook. En ga dan met God.
Een hele fijne zomer gewenst.
Hennie Stuut-Vogelzang
juli 2026
terug
Zomertijd

Naast deze zomertijd waarin velen op weg zullen gaan om vakantie te vieren heeft een ieder ook zijn levensweg om te bewandelen. Wij vragen de Heer om hulp om die weg te gaan.